Handels- en toerismeonderwijs!

De studierichting Toerisme in de derde graad heeft twee kanten:

een specifiek toeristische kant:
de leerling leert zelfstandig alle voorkomende werk­zaamheden in verband met het informeren, het advise­ren, verkopen en afhandelen van reizen verrichten. De nadruk ligt op het kunnen vertalen van de toeristische kennis naar de specifieke klant. Informatie opzoeken en selecteren, een reis samenstellen en administratief af­handelen, onthaal‑ en verkoopsgesprekken voeren, klachten opvangen en afhandelen, spelen hierin een belangrijke rol.
Geïntegreerde opdrachten en de stage in het laatste jaar zijn in dit proces een onontbeerlijke aanvulling.
een communicatieve kant:
De bijzondere aandacht voor talen (Nederlands, Frans, Engels en Duits) ondersteunt de brede algemene vor­ming. 
De praktische talenkennis is erop gericht om de leerling klantgerichte informatie te laten verstrekken.
 
De leerling die kiest voor derde graad Toerisme heeft als logische vooropleiding de tweede graad Toerisme gevolgd.
 
Instappen vanuit een andere opleiding is weggelegd voor leerlingen die sterk gemotiveerd zijn om de vaardigheden en kennis van de toeristische vakken uit de tweede graad bij te werken.
 
De leerling is geïnteresseerd in het verwerven van zowel algemene (aardrijkskunde, kunst en cultuur) als praktische kennis en vaardigheden typisch voor deze sector.

Een ruime talenkennis, zin voor administratieve nauwkeurigheid en dienstverlening en een vlotte persoonlijkheid zijn een vereiste. 

Lessenpakket
5T
6T
Godsdienst
2
2
Duits
1
3
Engels
3
3
Frans
3
3
Geschiedenis
1
1
Integrale opdrachten
3
2
Kunst en cultuur
2
2
Lichamelijke opvoeding
2
2
Natuurwetenschappen 1 0
Nederlands
3
3
Stage
-
3*
Toegepaste economie
2
2
Toerisme aardrijkskunde
3
3
Toeristische bestemmingen
2
2
Toeristische organisatie
2
2
Wiskunde
2
2
Totaal
32
35
* = blokstage

Enkele belangrijke vakken:

taalstudie

Nederlands, Frans, Engels: vlotte mondelinge en schriftelijke vaardigheid.
Duits: praktische kennis.
 
cultuur-, kunsthistorische en economische vorming
 
aandacht voor de talrijke toeristische en recreatieve regio's in de wereld wat hun kunsthis­torisch aspect betreft: bouwkunst, beeldhouwkunst, schilderkunst. Stijlen wor­den ontleed en herkend
aandacht voor maatschappelijke conflicten die kunnen gepaard gaan met het toeristisch handelen (milieu-aspecten, derde-wereldproblemen, verkeersproblemen,…)
 
technisch-toeristische aspecten:
 
Toeristische bestemmingen :
een aantal streken en landen worden besproken vanuit hun toeristisch belang; de invloed van aardrijkskundige kenmerken op het toerisme wordt bestudeerd. In het 5° jaar : Midellands Zeegebied (Egypte, Turkije, Griekenland, Spanje, …), wintersport in het Franse Alpengebied, Italië. In het 6° jaar : citytrips, pakketreizen naar Afrika (Tunesië, Marokko, safari), "à la carte"-reizen of reizen op maat (Amerika), aanbod van pakketreizen naar het Midden en Verre Oosten.
 
Toeristische organisatie:
5° jaar: scheepvaart (aanbod veerdiensten en cruises), charters en touroperators, verblijfsmogelijkheden (hotel, club, vakantiewoningen, …), spoorwegen (uurregelingen opzoeken via internet, Thalys en Eurostar, autotrein, prijsberekeningen, …), autocar (aanbod, zomerreizen per bus, wintersport per bus), huur­wagens
 
6° jaar : reisindustrie (toeristische diensten, reisagent, touroperator, beroeps­verenigingen), toeristische technieken (brochurestudie, prijsberekeningen, verkoops- en reservatiegesprek), luchtvaart (tarificatie, ticketing)
 
Toeristische aardrijkskunde
is een ondersteunend vak voor Toeristische bestemmingen en Toeristische organisatie. De behandelde thema's zijn: weer- en klimaatkunde, bevol­king, geologie, opbouw- en afbraakprocessen op aarde.
 
Integrale opdrachten:
oefeningen op de vakken toeristische bestemmingen, toeristi­sche aardrijkskunde, toeristische organisatie en inoefenen van de talen.
 
5° jaar: lokaliseren Europese toeristische bestemmingen, brochurestu­die pakketreizen en cruises, spoorwegen via Internet, brochurestudie wintersport, autocarreizen, verhuringen, wagenverhuur, hotelketens.
 
6° jaar: lokaliseren toeristische bestemmingen op de wereldkaart, bro­churestudie, dossierbeheer (klantendossier in reisbureau opstellen), werken met computersystemen om pakketreizen te boeken (BTN), werken met luchtvaart-computersystemen (Boem), zelfstandig werken aan een geïntegreerde proef waarin alle in de opleiding bijgebrachte vaardigheden op een praktische manier toegepast worden.
 
handelstechnische en juridische vorming:
  • betaling in binnen-en buitenland, boekhouding, analyse van prijsbepalende factoren
  • verkoopbeleid in de toeristische sector
  • voorwaarden voor het opstarten van een eigen zaak – juridische eigenschappen van de voornaamste vennootschappen
  • eenvoudige boekhoudkundige principes: BTW, verkoopfactuur, …
  • contractenleer: huur-, koop-, verzekeringscontract
  • rechten- en plichtenleer, internationale reglementering,
  • zakelijke communicatie
stage
 
2 weken in een toeristisch bedrijf: reisbureau, luchthaven, toeristische dienst, receptie ho­tel, …
 
Meerdaagse studiereizen in binnen- en buitenland maken integraal deel uit van de opleiding en zijn een verplicht onderdeel van het lessenpakket.